Molenbiotopen

In 2009 voerde Monumentenwacht, in opdracht van de Provincie Limburg, samen met een gespecialiseerd adviesbureau voor het eerst een inventarisatie uit van de biotopen van de Limburgse windmolens. Dit met het doel dat overheden en andere betrokkenen zich (meer) inspannen om in de directe omgeving van molens de windvang te behouden of te verbeteren. Dat kan door geen hoge bebouwing toe te staan en groen tijdig te snoeien.

In 2015 is een nieuwe en nog nauwkeuriger inventarisatie uitgevoerd. Deze heeft geresulteerd in een algemeen rapport, een reeks rapportages per molen en een rapport waarin de bevindingen uit 2015 worden vergeleken met die uit de rapportage van 2010. De nu volgende tekst dient als inleiding op de problematiek rond molenbiotopen. Aan het eind van de tekst vindt u links naar de diverse rapportages.

Windvang
Windmolens werden vanouds gebouwd op plaatsen waarop volop wind (energie) te vangen was. Vaak is dat een open landschap, maar het kan ook gaan om een natuurlijke of kunstmatige verhoging in de omgeving, zoals een heuveltop, een speciaal opgeworpen belt of een gemetselde stelling. Daarnaast gold in het verleden het windrecht, dat inhield dat in een ruime straal rond een molen geen hoge gebouwen en hoge beplanting mochten voorkomen.

Historische windmolens — in Limburg gaat het om circa 40 stuks — hebben hun economische functie grotendeels of volledig verloren. Niettemin worden deze karakteristieke bouwwerken om diverse redenen nog steeds bijzonder gewaardeerd. Windmolens vormen markante verschijningen in het landschap. Ze vertellen veel over het leven in vroeger tijd. Bovendien zijn het ingenieuze technische constructies, waar veel ambachtelijk vakwerk aan te bewonderen valt. Ook kunnen zij in bepaalde (nood)gevallen nog altijd een nuttige functie vervullen.

Veruit de meeste molens zijn beschermd als rijksmonument. Die status is essentieel voor het behoud van het bouwwerk. Vanuit cultuurhistorisch perspectief én om de molen goed te kunnen laten functioneren, is echter meer nodig: de directe omgeving, de molenbiotoop, moet voldoende windvang mogelijk maken.



Inventarisatie
In 2009 heeft dit inzicht de Provincie Limburg ertoe gebracht om de biotopen van de Limburgse windmolens te laten onderzoeken. Deze inventarisatie is uitgevoerd door adviesbureau Laméris-Huis in samenwerking met Monumentenwacht Limburg. Hierbij is gebruikgemaakt van gegevens van de digitale Algemene Hoogtekaart Nederland. Daarnaast zijn op locatie waarnemingen gedaan en foto's gemaakt. Voor elke historische windmolen is, met behulp van een speciaal ontwikkeld computerprogramma, in kaart gebracht waar zich in een straal van 400 meter rond de molen belemmeringen voor de windvang bevinden. De combinatie van berekeningen en veldgegevens geeft een helder beeld van de kwaliteit van een windmolenbiotoop. De uitkomsten zijn samengevat in een digitaal beschikbare algemene rapportage. Daarnaast is het mogelijk om van elke afzonderlijke molen een rapportage in te zien / te downloaden.

Jaar van de Molen
2016 was in Limburg onder andere Jaar van de Molen. Dat is aanleiding geweest om een herberekening en herinventarisatie van de Limburgse windmolenbiotopen te laten uitvoeren. Hierbij is gebruikgemaakt van meer nauwkeurige en veel recentere gegevens. Hierdoor konden meer gedetailleerde berekeningen worden gemaakt.

Aansluitend op de nieuwe inventarisatie is ook gekeken naar de verschillen met de resultaten uit 2010. Het rapport concludeert: "Wanneer de inventarisaties van 2010 en 2015 worden vergeleken, valt op dat 7 molens een klasse beter zijn ingedeeld en 15 molens slechter zijn ingedeeld. Van 22 molens is de beoordeling gelijk gebleven."

Er zijn diverse factoren die de verschillen verklaren. Allereerst is, door de beschikbaarheid van betere data, de kans dat een hinderlijk object wordt waargenomen vergroot. Daarnaast is op sommige plaatsen nieuwbouw uitgevoerd. Bomen zijn vijf jaar lang gegroeid. Er zijn echter ook plaatsen waar bomen en/of bouwwerken zijn verwijderd. De opnamen in het veld door Monumentenwacht, en met name de foto's vanaf de molens, laten de veranderingen in de verschillende biotopen overtuigend zien.

Doel
Het belangrijkste doel van het inventarisatieproject is dat molenbiotopen maximaal worden beschermd. Op plaatsen waar rond een molen nog voldoende open ruimte aanwezig is, moet dat zo blijven. Dat kan als gemeenten hiervoor bepalingen opnemen in hun bestemmingsplannen. De Provincie en de Limburgse Molenstichting kunnen de resultaten van de inventarisatie gebruiken om hier bij gemeenten op aan te dringen.

Monumentenwacht Limburg blijft regelmatig onderzoek doen naar de (bouw)technische staat en de onderhoudsbehoefte van alle Limburgse molens en hun bijgebouwen. De Molenstichting Limburg en de Provincie Limburg gebruiken deze gegevens in combinatie met de informatie over de biotopen. Op basis hiervan worden beleid en maatregelen ontwikkeld voor de meerjarige instandhouding van het Limburgse molenbestand.

Meer weten?
Klik op de volgende link om de algemene rapportage van het Limburgse Molenbiotopenonderzoek 2015 in te zien. U vindt hierin informatie over de opzet en uitvoering van het onderzoek en tevens een overzicht van de belangrijkste resultaten.
Op de website van de molenbiotopen-inventarisatie Limburg kunt u via een keuzemenu direct de resultaten per molen bekijken. U vindt hier tevens een rapportage met alle resultaten uit 2015 en een rapportage waarin de resultaten uit 2010 en 2015 worden vergeleken.
Algemene (landelijke) informatie over molenbiotopen kunt u onder meer vinden op www.molenbiotoop.nl.