Toelichting bij regelingen voor rijksmonumenten

Subsidie
Rijksmonumenten in de provincie Limburg kunnen in aanmerking komen voor één en soms twee van de volgende drie subsidieregelingen:

Rijksmonumenten die van oorsprong al een woonfunctie hadden (en die nog steeds hebben), vallen uiteraard onder de tweede regeling. Dit geldt ook voor rijksmonumenten die van oorsprong geen woonfunctie hadden, maar waarvan inmiddels meer dan de helft van de oppervlakte voor wonen wordt gebruikt. Bij twijfel over de functie van een gebouw kunt u de Basisregistratie Adressen en Gebouwen (BAG) raadplegen. Klik op de kaart op het gezochte bouwwerk en er verschijnt informatie over de functie van het gebouw. De woonhuissubsidie kan ook van toepassing zijn op groene rijksmonumenten die direct bij het woonhuis behoren en eveneens een ‘woonbestemming’ hebben.

In tegenstelling tot particulieren, kunnen professionele organisaties voor monumentenbehoud, gemeenten, provincies en waterschappen voor rijksmonumenten met een woonfunctie wél gebruikmaken van de eerstgenoemde regeling (Sim).

Bij een beperkte groep rijksmonumenten, te weten bewoonde boerderijen, landhuizen en molens, kunnen eigenaren kiezen van welke regeling zij gebruikmaken (de andere optie vervalt dan). Bij beide regelingen worden de subsidiabele kosten bepaald op basis van de Leidraad subsidiabele instandhoudingskosten. De Sim heeft een hoger subsidiepercentage (60%) dan de woonhuissubsidieregeling (38% in 2019 en 2020), maar de Sim vergoedt voornamelijk onderhoudskosten, terwijl de woonhuisregeling ook bepaalde restauratiekosten vergoedt.

De Nadere subsidieregels Restauratie Monumenten 2018-2019 van de Provincie Limburg kunnen van toepassing zijn op historische agrarische gebouwen, kloosters, molens, kastelen, kerken en industriële of andere grotere monumentale complexen. De regeling is uitsluitend bedoeld voor restauratie van monumentale gebouwdelen die in matige of slechte toestand verkeren en waarvoor herstel urgent is. Dit moet blijken uit een inspectierapport van Monumentenwacht Limburg. Deze regeling geldt telkens voor één jaar.

Behalve voor de hiervoor besproken regelingen kunnen rijksmonumenten in Limburg - onder nadere voorwaarden - in aanmerking komen voor de Subsidieregeling stimulering herbestemming monumenten van de rijksoverheid en voor de provinciale Nadere subsidieregels Kerken 2017-2019 en Nadere subsidieregels Monulisa 2017-2019.

Financiering
Voor rijksmonumenten zijn diverse vormen van financiering mogelijk. De leningen hebben vaak de vorm van een hypotheek. Als de lening wordt afgesloten om werkzaamheden te bekostigen die dienen tot onderhoud, restauratie, herstel van monumentale waarden, verduurzaming of (onderzoek naar) herbestemming, is deze in veel gevallen laagrentend. Leningen worden verstrekt door het Restauratiefonds, de Provincie Limburg (via het Restauratiefonds) en particuliere fondsen. Het is vanzelfsprekend van groot belang om vooraf goed de voor- en nadelen en de mogelijke risico’s van een lening op een rij te zetten.

Samenloop
Er bestaan vele subsidieregelingen en financieringsvormen, zoals blijkt uit deze website. De mogelijke regelingen van specifieke gemeenten en speciale fondsen zitten daar nog niet bij. In veel gevallen kunnen een object en een aanvrager slechts in aanmerking komen voor enkele regelingen en soms maar voor één. Wat betreft de mogelijkheden om gelijktijdig van verschillende regelingen gebruik te maken (de samenloop), kunnen globaal drie situaties worden onderscheiden:

1. Gebruik van een regeling sluit gebruik van een of meer andere regelingen uit. In het geval van rijksmonumenten kunt u bijvoorbeeld aanspraak maken op de Subsidieregeling instandhouding monumenten (objecten zonder woonfunctie) óf op de Instandhoudingssubsidie woonhuis-rijksmonumenten (gebouwen met woonfunctie), maar nooit op beide.

2. Een regeling is juist bedoeld als aanvulling op een andere regeling. Een sprekend voorbeeld hiervan zijn de Nadere subsidieregels Monulisa 2017-2019 van de Provincie Limburg. Deze gelden voor rijksmonumenten voor openbare godsdienstuitoefening en molens waarvoor tevens rijkssubsidie wordt verleend. Een ander voorbeeld zijn diverse laagrentende leningen waarmee het niet-subsidiabele deel van onderhouds- en/of restauratiewerk kan worden bekostigd. Als u voor meerdere regelingen in aanmerking komt, kan dit betekenen dat het enig puzzelwerk vraagt om te bepalen hoe u uit de diverse potjes de optimale bijdrage haalt. De aanvraagformulieren moeten in dat geval extra zorgvuldig worden ingevuld om niet-toegestane overlappingen (dezelfde kosten tweemaal declareren) te voorkomen.

3. Het is niet op voorhand duidelijk hoe een beoogde regeling zich verhoudt tot een andere beoogde regeling. Bedenk in dat geval dat bepaalde werkzaamheden in veruit de meeste gevallen niet door twee verschillende verstrekkers worden ondersteund. Verder is het uiteraard verstandig om vroegtijdig bij de betrokken instanties navraag te doen over de mogelijke samenloop van de verschillende regelingen.

Bedenk tot slot dat verreweg de meeste vragen waar u mee worstelt, al vele malen eerder zijn gesteld. En beantwoord. Met andere woorden, als u er zelf niet goed uitkomt, doe dan navraag bij de desbetreffende instanties of schakel een specialist in (van bijvoorbeeld het Restauratiefonds).